Home > Piets blog > “Rupsenplaag Drenthe door stabiele winter”
Volg Piet

Piets blog

“Rupsenplaag Drenthe door stabiele winter”

Active Image
“Wie de laatste weken een bezoekje heeft gebracht aan het bosgebied rondom Norg kan het onmogelijk zijn ontgaan. Je kunt geen stap in het bos zetten of je zit eronder. Rupsen. Miljoenen kleine groene en soms bruine beestjes die als een soort kerstversiering aan lange draadjes, vergelijkbaar met spinrag uit de bomen naar beneden bungelen.

Op zoek naar een zachte landing op het blad van een boom, het liefst op een eikenblaadje. Wanneer het niet al te hard waait in het bos  hoor je overal om je heen zacht geknaag. Het is het  geluid van de miljoenen, wellicht miljarden rupsjes die het bos in hoog tempo van hun blad ontdoen. Het lijkt bijna op de beschrijving van een van de 10 Bijbelse plagen uit het oude Egypte.

Een blik naar boven laat zien dat een heel gebied met eikenbomen kaal is. Het ziet er onwerkelijk uit. Wat een paar weken geleden nog prachtige vol groene bomen waren, is nu nog slechts een geraamte en een ziek ogende boom die waar geschonden uit de strijd is gekomen. Waar je ook om je heen kijkt, op ieder blad zitten wel 5 tot 10 rupsjes.
“Jaarlijks is er wel een rupsenpiek, maar dit jaar is het vele malen erger dan voorgaande jaren, “ weet boswachter Blauw te vertellen. En niet alleen in het Norgerbos, maar ook elders in de regio Noordenveld (Drenthe)is sprake van een rupsenplaag. ‘Een normale boswandeling zit er eigenlijk niet meer in op dit moment. Je komt helemaal onder de beestjes te zitten.”

Ook enkele ‘permanente’ bewoners van het bos in Norg laten weten dat ze het zo erg  nog nooit hebben mee gemaakt. “Het is al weken zo, je kunt je hond niet eens meer in het bos uitlaten. Het is een drama, “ klaagt een bewoner. Hij heeft geen idee welke oorzaak hier aan ten grondslag ligt. “Misschien de klimaatsverandering?”

Boswachter en dierenplagen deskundige Cor Huiting uit Norg, verbonden aan de Universiteit in Wageningen veegt deze gedachte van tafel.
“Waar we het hier over hebben is de kleine en de grote wintervlinder. Deze soorten leggen in het najaar eitjes. Bij het oplopen van de temperatuur komen de eitjes uit. In ons land hebben we vaak kwakkelwinters. Dan weer vorst, dan weer zachter weer. Bij zacht weer en zon komen de eitjes uit. Zit er echter nog geen blad aan de bomen dan zullen ze spoedig sterven.  Vaak overleeft minder dan 50 procent van alle eitjes de winter. Het weer heeft een grote invloed op deze beestjes en dus ook op de populatie.

Nu is het zo dat het de afgelopen winter lang koud is geweest en dat de winter een redelijk stabiel verloop kende. Er zijn dus weinig eitjes uitgekomen en gestorven. Gaandeweg April werd het ineens warm en bleef het warm en erg zonnig. De natuur ontplofte en de eitjes kwamen allemaal  tegelijk uit. Dat samen met het uitlopen van de bomen. Er is dus voeding in overvloed. Het is een paradijs voor de rupsen.  Het rupsje wat straks de kleine wintervlinder wordt, eet vooral eikenblad, maar als het echt honger heeft kruipt het ook op andere bomen.
De grote wintervlinder-rups eet ook blad van andere bomen zoals wilgen, berken, prunus, els ribes en Meidoorn.”

Huitinga is nu tien jaar boswachter in Noordenveld maar ook hij heeft rupsen in deze mate nog nooit mee gemaakt. Hoewel het zeer hinderlijk is voor het publiek en de aangetaste bomen er verslagen uitzien, zal de schade relatief meevallen, verwacht Huitinga. “De meeste bomen zetten straks weer nieuw blad. De schade na een normale rupsenpiek bedraagt ongeveer één procent uitval van de boom. Deze is zo kaal dat hij het niet overleeft. Ik denk dat het percentage dit jaar hoger zal uitpakken. Maar hoe hoog, dat kan ik nog niet zeggen.

Huiting verwacht nog een kleine maand ellende voor het publiek en het bos. “Met een week of drie á vier zullen de rupsen vlinders worden. Dan is de ellende voorbij. Maar het heeft ook een positief effect. Er zijn veel meer vogels, de natuurlijke vijand van de rups zoals koolmeesjes in het bos. Die beestjes hebben de tijd van hun leven. Of het volgend jaar weer tot een rupsenplaag in het Norgerbos zal leiden, hangt in grote mate af van het verloop van de winter.  Maar als het te lang duurt schijnen bomen zelf een antwoord te gaan ontwikkelen op de plaag.”

De boswachter grijnst en komt met een bijzondere anekdote. “ In Roden staat een eeuwenoude eik. Het schijnt dat er ergens in 1800 ook een enorme rupsenplaag is geweest die langdurig jaarlijks terugkeerde. Zolang ik hier werk is er in deze eik geen rups te bekennen.  Overal om de boom heen zijn rupsen, behalve in die boom. Waarschijnlijk heeft de oude eik een antistof ontwikkeld. Zo bijzonder is de natuur.”

Meer Blog